Herinneringen aan vervlogen jaren...
Door G.J. Gunnink

Medio 1948, 60 jaar geleden dus, werden bij de G.T.W. twee vrachtwagens afgevoerd, te weten de 261 en 266.
De geschiedenis van deze twee voertuigen gaat echter nog verder terug in de tijd, resp. 1927 en 1929.
Deze afvoer zal voor slechts zeer weinig oud G.T.W.-medewerkers bepaalde herinneringen oproepen, want vrachtauto 261 was de voormalige De Dion Bouton autobus 61, welke in 1927 in gebruik werd gesteld.
Deze maakte deel uit van de toenmalige serie 55-61 welke een carrosserie hadden van de Fa. Allan uit Rotterdam voor 33 zitplaatsen en werden voor hun tijd als grote bussen bestempeld.
wp319bbe0a.jpg
wp91f2760a.png
De Dion Bouton bus 61 met de naam “De Panter”
wp84bb20a7.png
wp36285b19_0f.jpg
personenvervoer anno 1945 met vrachtwagen(bus) 262
wp09d3088f.jpg
Het vervoer geschiedde echter wel op een geheel andere wijze als bij zijn indienststelling in 1927, zoals te zien is op bovenstaande foto.
We zien hier soortgenoot 262 welke op dezelfde wijze ook voor dit doel “omgebouwd” werd.
Na 21 dienstjaren kwam in 1948 uiteindelijk een einde aan het dienstbare bestaan van wagen 261.

No. 266, die eveneens een eerbiedwaardige leeftijd van 19 jaar bereikte, komt uit een geheel ander “nest”.
Deze vrachtwagen was de voormalige bus 5 van de Tramweg Maatschappij “Zutphen-Emmerik” (ZE), en werd in 1929 in dienst gesteld.
wpee11dd40_0f.jpg
G.T.W. 605 is de ex Z.E. 5 “Meeuw”
wp3654919b.png
G.T.W. bus 86 “Eend”
De bus was geliefd vanwege het openschuifbare dak en was daarmee een ideale wagen voor toerritten.
Het was ook de eerste G.T.M. bus welke deze voorziening had.
Deze bus behoorde tot de serie 71-87 en 90-91 en kregen carrosserieŽn van Verheul.
Het was tevens de eerste kennismaking van fabrikant Verheul en zeker niet de laatste.
De relatie met Verheul duurde tot en met 1962, stopte daarna, maar keerde in 1968 en 1969 terug.
Het carrosseriebedrijf dat in 1970 door brand verwoest werd, is daarna niet weer opgebouwd.
Om terug te komen op bus 86, deze werd in 1939 verbouwd tot vrachtauto en kreeg nu het nummer 260 en werd uiteindelijk aan het eind van 1948 afgevoerd voor sloop.
Ondanks het feit dat de autobus in de twintig- en dertiger jaren nog voor een deel in de kinderschoenen stond, mag er toch gesproken worden over degelijke constructie’s, gezien de respectabele leeftijden die de bussen destijds konden behalen.
Met de huidige systemen van aanbestedingen worden soms bussen afgevoerd die nog lang niet afgeschreven zijn.
Toch een vreemde manier van kosten besparingen!



Geraadpleegde bron: Langs Weg en Rail in Gelderland 2e jaargang. No. 3, November 1948.
Tekst bewerkt en aangepast door G.J.Gunnink