startpagina

archief

Opening van G.T.W. Buslijn Arnhem - Doesburg, via Lathum / Giesbeek


Het zal voor velen misschien wat ongeloofwaardig klinken, wanneer er bij het openen van een buslijn wordt gesproken van plaatsen die “uit hun isolement worden verlost”...
Dit om de eenvoudige reden dat Nederland het meest dichtste autobuslijnen-net had van Europa op dat moment, wij spreken dan wel over 47 jaar geleden, in 1962.
Doch inderdaad: dergelijke plaatsen waren er toen nog steeds, maar hun aantal is op 16 december 1962 met een aantal verminderd.
Dit geluk was n.l. beschoren aan de op de rechter oever van de IJssel (de rechter oever moet altijd stroomafwaarts gezien worden) gelegen dorpen Lathum en Giesbeek, gelegen tussen Westervoort en Doesburg, en inderdaad, tot die datum zeer ge´soleerd gelegen.
Reeds lang was er bij de bevolking een dringende behoefte aan een autobusdienst, doch deze wens was tot nu toe on- vervulbaar, omdat de enige weg, waaraan de plaatsen lagen, zeer smal en bochtig was, en bovendien grotendeels op een dijk gelegen, en ten enenmale ongeschikt voor busverkeer.

Na het gereed komen van een nieuwe weg, verkregen de genoemde plaatsen ook haar busdienst waarop ze zo lang hebben moeten wachten.
Op 16 december 1962 vertrok de eerste bus vanaf het N.S. station te Arnhem via het Velperplein
en het nieuwe stadsgedeelte Presikhaaf naar de A-12 om aldaar de gemeente-grens van Arnhem te verlaten.
Na een kort ritje over de snelweg richting Duitsland wordt de IJsselbrug overgestoken, om daarna direct de snelweg te verlaten om zich op de nieuw aangelegde weg naar Lathum en Giesbeek te begeven, waarbij ook het Gemeentehuis van Angerlo gepasseerd wordt, welk dorp op enige afstand van de nieuwe weg is gelegen.
Vlak voor de sluis van Doesburg (welke toegang verschaft van de Geldersche IJssel naar de Oude IJssel) werd de kom-grens gepasseerd, en reed de bus niet naar het tramstation (de bushalte in het centrum van de stad), maar ging rechtsaf om daarbij de nieuwe woonwijken van die stad te bedienen.
Vervolgens reed de bus langs “Het Sportpark” om iets verder rechtsaf te slaan om op de Rijksweg weer uit te komen om daarna de oude route naar Doetinchem en verder te kunnen vervolgen.
De lijn werd gereden door de bussen van de Sneldienst lijnen 16 en 17 Arnhem-Doetinchem-Enschede (de langste buslijn in het net van de G.T.W. – circa 90 km).
Voorheen liep deze lijn via Velp, Rheden, Ellecom naar Doesburg en ging daarbij niet via Dieren.
Gestopt werd er met een sneldienst alleen bij de centrum halten van een plaats en enkele speciaal aangewezen haltes.
Echter via de nieuwe route over Giesbeek werd de dienst tussen Arnhem en Doesburg geŰxploiteerd als Semi-Sneldienst, waarbij aan elke halte op verzoek werd gestopt.
Dit gaf geen problemen voor deze dienst, want de halten lagen ver uit elkaar, het gebied was erg dun bevolkt
en bovendien kon door het stille karakter van de nieuwe weg flink worden doorgereden.
Elke lijn reed om de 2 uur, d.w.z. dat er in principe een uurdienst is ontstaan.
Het verschil van lijnnummer lag op de route naar Enschede. Lijn 16 verliep via Ruurlo en Neede, en Lijn 17 reed via Groenlo en Neede naar Enschede.
In 1968 is lijn 16 opgeheven en reed lijn 17 voortaan elk uur via Groenlo en Neede.

Een dag tevoren dat de exploitatie begon werd de nieuwe weg officieel open gesteld,
daarbij werd eveneens de eerste openingsrit gereden.
Zij, die waren uitgenodigd om aan de feestelijkheden deel te nemen, werden eerst in het Gemeentehuis van Angerlo door Burgemeester en Wethouders van de gemeente ontvangen, waarbij het gezelschap in twee bussen naar Doesburg reed,
alwaar de eigenlijke openingsrit begon.
Gezien het feit, dat de Burgemeester van Angerlo, de heer Van Riel, in wiens gemeente een groot deel van de nieuwe weg ligt, tevens voorzitter van de Kon. Nederlandsche Federatie van Harmonie- en Fanfaregezelschappen is, zal het niemand verwonderen, dat deze opening in het teken van de muziek stond.
In alle plaatsen verleenden muziekgeselschappen hun medewerking, terwijl in Doesburg het vendel werd gezwaaid.
Op talrijke plaatsen werden vlaggen uitgestoken en waren vele inwoners uitgelopen, om de openingsstoet bij te wonen.
Tot slot werden de genodigden verzameld in het Musis Sacrum te Arnhem alwaar een Gelderse koffietafel werd aangeboden door de directie van de Geldersche Tramwegen.
Zowel in het Gemeentehuis van Angerlo, alsmede aan de koffietafel als ook op andere punten werden vele goede woorden gesproken, over hen, die aan de aanleg van de nieuwe hun krachten hebben gegeven.

Geraadpleegde bron:
Langs onze Weg, Personeelsorgaan van de Geldersche Tramwegen,
16e jaargang no. 1 en 2 van 1963.
Bewerkt door G.J. Gunnink